De volledige syntaxis van taalbakens

De volledige syntaxis van taalbakens is als volgt:
<:prefix:code{param=waarde}|filter{parameters}:>
-* Naar de prefix wordt ook verwezen met de naam "module". -* Het geheel wordt ook wel een "taalitem" genoemd. {{{Parameters}}} De taalcodes kunnen parameters hebben waarvan de waarden worden ingevoegd op het moment van de vertaling. De parameters worden in de taalbestanden tussen de apenstaarttekens (@) geschreven . Zo kan een taalcode zijn:
'creer_fichier'=>'Het @fichier@ bestand aanmaken?',
{{{Aanroep met parameters}}} We kunnen een parameter als volgt aanroepen:
<:documentation:creer_fichier{fichier=readme.txt}:>
{{{Taalcodes filteren}}} Het is geen gangbare praktijk, maar het is mogelijk om taalcodes door filters te laten gaan zoaals dat bijvoorbeeld ook bij SPIP-bakens kan:
<:documentation:description_longue|couper{80}:>
{{{Dynamische taalbakens}}} Voor de module en/of het taalitem kunnen dynamische waardes worden gebruikt z=wat het gebruik van de functie _T vermijdt. We gebruiken een prefix = {{dynamisch item}} In plaats van de schrijfwijze [(#VAL{module}|concat{:,#GET{item}}|_T)] kunnen we schrijven:
<:module:{=#GET{item}}:>
{{module EN dynamische items}} In plaats van de schrijfwijze [(#GET{module}|concat{:,#GET{item}}|_T)] kunnen we schrijven:
<:{=#GET{module}:#GET{item}}:>

Auteur hanjo Gepubliceerd op: Aangepast: 12/03/19

Vertalingen: English, français, Nederlands